Aswoensdag

Aswoensdag is het begin van de veertigdagentijd. Reeds in de Oudheid was Aswoensdag een belangrijke vastendag. Men trok een boetekleed aan en werd met as bestrooid. Het nu nog bekende askruisje herinnert de mens eraan dat hij ooit zal sterven. Daarom zegt de priester bij het zetten van het askruisje vandaag nog steeds: Mens, gedenk dat gij stof zijt en tot stof zult wederkeren. De as die men ervoor gebruikt is sinds de twaalfde eeuw afkomstig van de palmtakken van Palmzondag van het vorige jaar, die verbrand worden.

Laat ons bidden…

Heer Jezus,
U zegt ons binnen te gaan
in de binnenkamer van ons hart,
daar waar wij U kunnen ontmoeten
want U bent de bron
waaruit een barmhartigheid
kan vloeien
waar we niet uit onszelf toe in staat zijn.
Maak ons hart
op weg naar Pasen
zacht en teder zoals het uwe,
eerlijk begaan met mensen,
niet om zelf gerespecteerd te worden
maar uit echte liefde voor de mens
zoals hij of zij is.
Geef ons de volharding
in het verborgene
tijd genoeg door te brengen
met uwen onze Vader:
zo wordt de echte vreugde geboren,
zo maakt de bekering in deze vastentijd
van ons geen sombere
maar blije christenen!

 

Even bezinnen…

“Innerlijke tekens van rijkdom!”

Een tijd om te laten weerklinken: laten we even halt houden en elke zin van het gebed herlezen om ze te laten weerklinken in ons hart.

Een tijd om te kijken: laten we de band leggen tussen de tekening en de tekst. Een man die steen kapt…Wat zegt de tekening me over God, over Jezus, over mij? Welk woord, welk deel van de tekening roept me het meeste op? Waarom? Is het misschien God die van ons stenen hart een hart van vlees en bloed, teder als het zijne kan vormen?

Een tijd om verder te gaan: we staan nog maar aan het begin! We beginnen nog maar pas onze innerlijke bekering vorm te geven – symbool van het kappen in de steen.

Welke zijn de eerste tekens van innerlijke rijkdom die ik in mezelf ontdek?

Reacties zijn uitgeschakeld.